vrijdag, december 15, 2017
Keuze van de Redactie
U bent hier: Home / Bronnen / Bedrijfsleven & Ondernemers / DNB: Hoe incidenten doorwerken in een raming
DNB: Hoe incidenten doorwerken in een raming

DNB: Hoe incidenten doorwerken in een raming

  • Nederland
  • DNB voorziet voor 2014 een economische groei van 0,2%. Dit groeicijfer wordt behoorlijk vertekend door een aantal incidentele factoren. De invloed van deze incidentele factoren op de groeiraming kan inzichtelijk worden gemaakt door de raming op kwartaalbasis te bekijken.
  • DNB
  • http://www.dnb.nl
  • info@dnb.nl
  • http://www.dnb.nl/nieuws/nieuwsoverzicht-en-archief/dnbulletin-2014/dnb308659.jsp

Incidentele factoren

In het eerste kwartaal van 2014 kromp het reëel bruto binnenlands product (bbp) volgens de meest recente inzichten van het CBS met 1,4% ten opzichte van het laatste kwartaal van 2013. Dit tegenvallende cijfer was het gevolg van een aantal incidentele factoren. Door de uitzonderlijk zachte winter waren de consumptie en uitvoer van aardgas substantieel lager. Ook speelt een rol dat huishoudens en bedrijven eind 2013 veel personenauto’s hebben aangeschaft om nog te kunnen profiteren van gunstige fiscale regels. Als gevolg hiervan waren de consumptie en investeringen in het vierde kwartaal van 2013 hoger, en in het eerste kwartaal van 2014 lager.

Van kwartalen naar jaren

In de publieke discussie over ramingen spelen afzonderlijke kwartalen vaak geen rol van betekenis, de nadruk ligt op jaarcijfers. Toch spelen de kwartaalcijfers een cruciale rol bij het opstellen van ramingen, want het uiteindelijke jaarcijfer wordt bepaald uit een combinatie van de kwartaalcijfers van het lopende en het voorafgaande jaar. Het voorbeeld in Tabel 1 laat zien hoe dit werkt. De eerste rij geeft de realisaties (2013K1-2014K1) en de ramingen (2014K2-K4) voor de bbp-groei op kwartaalbasis. Om deze kwartaalcijfers tot een jaarcijfer te aggregeren kan een algemeen gehanteerde vuistregel worden gebruikt. Volgens deze vuistregel krijgt elk kwartaal een bepaald gewicht, variërend tussen 0 en 1; zie de tweede rij in de tabel. Het eerste kwartaal in 2014 telt volledig mee voor de groei in dat jaar, terwijl het laatste kwartaal nog maar voor een kwart meetelt. Door de groei op kwartaalbasis te vermenigvuldigen met de gewichten, en de bijdragen vervolgens op te tellen wordt (bij benadering) het jaargroeicijfer berekend, 0,2% in dit geval. Een deel van de groei in de laatste kwartalen van een jaar wordt aldus toegerekend aan het volgende jaar, de groei “loopt over”. In 2014 bedraagt deze overloop vanuit 2013 0,8 procentpunt. Anders gezegd: als in alle kwartalen in 2014 de bbp-groei op kwartaalbasis 0% zou bedragen, zou de groei in 2014 op jaarbasis 0,8% bedragen.

Invloed van incidentele factoren

DNB baseert zich bij het opstellen van haar raming op de meest recente kwartaalcijfers van het CBS, en vult deze aan met ramingen van de economische groei, eveneens op kwartaalbasis. Het gevolg is dat incidentele factoren in de eerste kwartalen van het jaar sterk doorwerken in de raming van het jaarcijfer. Zo drukt de uitzonderlijke krimp in het eerste kwartaal het jaarcijfer met 1,4 procentpunt. Als we deze negatieve incidentele factoren zouden wegdenken, dan was de raming van de economische groei in 2014 hoger uitgekomen. Een onzekere factor is in hoeverre de achtergebleven groei in het eerste kwartaal in het tweede kwartaal van 2014 zal worden ‘ingehaald’. DNB schat dit inhaaleffect beperkt in, mede gezien de rol van het gas, met een groei in het tweede kwartaal van 0,7 %.

Over Content Editor V

Content editor of PressCenter website.

Schrijf Uw Reactie

Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *

*

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Kies de person met
de hand omhoog *

Scroll To Top