zondag, november 19, 2017
Keuze van de Redactie
U bent hier: Home / Specials / Cijfers / Economische najaarsprognoses 2014: een langzaam herstel met zeer lage inflatie
Economische najaarsprognoses 2014: een langzaam herstel met zeer lage inflatie

Economische najaarsprognoses 2014: een langzaam herstel met zeer lage inflatie

  • Europa
  • In de najaarsprognoses van de Europese Commissie wordt voor de rest van dit jaar uitgegaan van een zwakke groei, zowel in de EU als in de eurozone. Voorspeld wordt dat de reële bbp-groei in 2014 als geheel in de EU op 1,3 % en in de eurozone op 0,8 % zal uitkomen. In de loop van 2015 zal de groei naar verwachting langzaam aantrekken tot respectievelijk 1,5 % en 1,1 % dankzij een verbeterende binnen- en buitenlandse vraag. Voor 2016 wordt gerekend op een verdere toename van de activiteit tot respectievelijk 2,0 % en 1,7 %, onder impuls van zowel de versterking van de financiële sector (naar aanleiding van de door de Europese Centrale Bank uitgevoerde grondige doorlichting ervan en verdere vorderingen in de richting van de bankenunie), als recentelijk doorgevoerde structurele hervormingen die vruchten beginnen af te werpen.
  • Parlementair Documentatie Centrum
  • http://ec.europa.eu/index_nl.htm
  • jaume.duch@europarl.europa.eu
  • http://europa.eu/rapid/press-release_IP-14-1362_nl.htm

De heer Jyrki Katainen, de vicevoorzitter van de Europese Commissie bevoegd voor Banen, Groei, Investeringen en Concurrentievermogen, heeft in dit verband het volgende verklaard: “De economische en werkgelegenheidssituatie verbetert niet snel genoeg. De Europese Commissie is vastbesloten alle beschikbare instrumenten en middelen in te zetten om voor meer groei en banen in Europa te zorgen. Wij zullen komen met een investeringsplan van 300 miljard EUR om het economische herstel aan te zwengelen en te bestendigen. Aantrekkende investeringen vormen immers de ruggengraat van het economisch herstel.”

De heer Pierre Moscovici, Commissaris voor Economische en Financiële Zaken, Belastingen en Douane, verklaarde: “Er is geen simpel, pasklaar antwoord voor de uitdagingen waar de Europese economie voor staat. We moeten op drie fronten actie ondernemen: voor geloofwaardige budgettaire beleidsmaatregelen, ambitieuze structurele hervormingen en hoognodige investeringen, zowel openbare als particuliere. We moeten allemaal onze verantwoordelijkheden opnemen, in Brussel, in de nationale hoofdsteden en in onze regio’s, om meer groei te genereren en de werkgelegenheid echt te stimuleren, dit alles ten behoeve van onze burgers.”

Het economische herstel dat in het tweede kwartaal van 2013 inzette, blijft broos en in tal van lidstaten is er sprake van een nog steeds zwakke economische dynamiek. Het vertrouwen is afgenomen in vergelijking met het voorjaar, wat te wijten is aan toenemende geopolitieke risico’s en minder gunstige vooruitzichten voor de wereldeconomie. Ondanks gunstige financiële omstandigheden wordt voor 2015 uitgegaan van een langzaam herstel.

Deze ontwikkeling is het gevolg van het geleidelijk wegebben van de naweeën van de crisis, met een nog steeds hoge werkloosheid, een hoge schuldenlast en een lage capaciteitsbezetting. De recentelijk door de Europese Centrale Bank verrichte grondige doorlichting heeft de onzekerheid omtrent de soliditeit van het bankwezen voor een groot deel weggenomen en de verbeterende financiële omstandigheden zouden de opleving van de economische activiteit mede in de hand moeten werken. In 2016 zouden een krachtiger binnen- en buitenlandse vraag en een voortzetting van het zeer accomoderende monetaire beleid dat met lage financieringskosten gepaard gaat, in een verdere versterking van de groei moeten resulteren.

Aangenomen wordt dat de groeicijfers in de lidstaten in 2014 sterk zullen blijven uiteenlopen, namelijk van -2,8 % (Cyprus) tot 4,6 % (Ierland). In de daaropvolgende twee jaar zullen de groeiverschillen naar verwachting echter teruglopen. In 2015 en 2016 zouden alle EU-landen een positieve groei te zien geven. Dat is ook de periode waarin het vertraagde effect van de reeds doorgevoerde hervormingen zich sterker zou moeten laten gevoelen.

Een langzame terugkeer van een bescheiden economische groei

In de EU lijkt het herstel zwak uit te vallen in vergelijking met andere geavanceerde economieën en ten opzichte van historische voorbeelden van eerdere herstelperiodes na financiële crises, al was er ook dan doorgaans sprake van een traag en broos herstel. Over de prognosehorizon zou de binnenlandse vraag alsmaar sterker gaan profiteren van het zeer accomoderende monetaire beleid, de bij het terugdringen van de particuliere schuldenlast gemaakte vorderingen en het vrijwel neutrale begrotingsbeleid. De particuliere investeringen zouden zich geleidelijk moeten herstellen, mede onder invloed van verbeterende vraagvooruitzichten en inhaaleffecten, maar zouden aanvankelijk worden afgeremd door de bestaande ruime reservecapaciteit.

Aangenomen wordt dat de particuliere consumptie in 2015 en 2016 een bescheiden groei te zien zal geven onder impuls van lage grondstoffenprijzen en stijgende beschikbare inkomens bij een geleidelijk verbeterende arbeidsmarktsituatie. De overheidsconsumptie zal naar verwachting slechts een marginale bijdrage aan de groei leveren. Tegen de achtergrond van een bescheiden expansie van de wereldhandel zal ook de netto-uitvoer de komende jaren wellicht slechts een geringe bijdrage aan de bbp-groei leveren.

De arbeidsmarktsituatie gaat er slechts langzaam op vooruit

De werkgelegenheidsschepping is bescheiden gebleven en de werkloosheidscijfers zijn iets gedaald ten opzichte van een hoog niveau. Aangezien de economische groei naar verwachting geleidelijk aan kracht zal winnen, zou de arbeidsmarktsituatie naar het einde van de prognosehorizon toe moeten verbeteren. In 2016 zou de werkloosheid teruglopen tot 9,5 % in de EU en 10,8 % in de eurozone.

De tendens in de richting van een lagere inflatie heeft zich in 2014 in de EU-lidstaten voortgezet onder invloed van lagere grondstoffenprijzen en een forse economische vertraging. Aangenomen wordt dat de inflatie in 2014 zeer laag zal blijven. Naarmate de economische activiteit geleidelijk aantrekt en de lonen stijgen, zou ook de inflatie moeten toenemen, mede wegens de recente depreciatie van de euro. Voorspeld wordt dat de inflatie in de EU zal uitkomen op 0,6 % in 2014, 1,0 % in 2015 en 1,6 % in 2016. Voor de eurozone wordt uitgegaan van een HICP-inflatie (Harmonised Index of Consumer Prices of geharmoniseerde consumentenprijsindex) van 0,5 % dit jaar en 0,8 % in 2015, die in 2016 zou oplopen tot 1,5 %.

De overheidstekorten zullen verder worden teruggedrongen. Zowel in de EU als in de eurozone zouden de tekortquoten dit jaar verder afnemen, zij het trager dan in 2013, tot respectievelijk 3,0 % en 2,6 %. Aangenomen wordt dat de overheidstekorten de komende twee jaar zullen blijven dalen, mede dankzij de aantrekkende economische activiteit. Het begrotingsbeleid zal in 2014 en 2015 naar verwachting zo goed als neutraal blijven. Voorspeld wordt dat de schuldquoten in de EU en de eurozone volgend jaar met respectievelijk 88,3 % en 94,8 % (volgens de definitie van het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen van 2010) een hoogtepunt zullen bereiken.

De vooruitzichten blijven overwegend gekenmerkt door neerwaartse risico’s

De groeivooruitzichten zijn nog steeds vooral aan neerwaartse risico’s onderhevig als gevolg van geopolitieke spanningen, fragiele financiële markten en het risico van een onvolledige tenuitvoerlegging van structurele hervormingen. De risico’s voor de inflatievooruitzichten houden elkaar min of meer in evenwicht.

Over Content Editor V

Content editor of PressCenter website.

Schrijf Uw Reactie

Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *

*

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Kies de person met
de hand omhoog *

Scroll To Top