zaterdag, november 18, 2017
Keuze van de Redactie
U bent hier: Home / Bronnen / Bedrijfsleven & Ondernemers / Ten geleide van het ECB maandbericht augustus 2013
Ten geleide van het ECB maandbericht augustus 2013

Ten geleide van het ECB maandbericht augustus 2013

  • Nederland
  • 8 augustus 2013 In zijn op 1 augustus gehouden vergadering heeft de Raad van Bestuur op basis van zijn reguliere economische en monetaire analyses besloten de basisrentetarieven van de ECB onveranderd te laten.
  • DNB
  • http://www.dnb.nl
  • info@dnb.nl
  • http://www.dnb.nl/nieuws/nieuwsoverzicht-en-archief/nieuws-2013/dnb295042.jsp

De binnenkomende informatie bevestigt het vorige oordeel van de Raad van Bestuur. De onderliggende prijsdruk in het eurogebied zal naar verwachting op de middellange termijn gematigd blijven. Overeenkomstig dit beeld blijven de monetaire en, in het bijzonder, de kredietdynamiek gematigd. De inflatieverwachtingen voor het eurogebied blijven stevig verankerd in overeenstemming met de doelstelling van de Raad van Bestuur het inflatiecijfer op de middellange termijn onder maar dicht bij 2% te houden.

Tegelijkertijd tonen recente vertrouwensindicatoren op basis van enquêtegegevens opnieuw enige verbetering, vanaf een laag niveau, en vormen zij een voorzichtige bevestiging van de verwachting dat de economische bedrijvigheid zich zal stabiliseren. De koers van het monetair beleid blijft erop gericht de door de vooruitzichten voor de prijsstabiliteit gerechtvaardigde mate van monetaire accommodatie te handhaven en een stabiele geldmarktsituatie te bevorderen.

De monetairbeleidskoers geeft aldus ondersteuning aan een geleidelijk herstel van de economische bedrijvigheid gedurende de rest van het jaar en in 2014. Vooruitblikkend zal de monetairbeleidskoers zo lang als noodzakelijk is accommoderend blijven. De Raad van Bestuur bevestigt dat hij verwacht dat de basisrentetarieven van de ECB voor een langere periode op het huidige of een lager niveau zullen blijven.

Deze verwachting blijft gebaseerd op de onveranderde algehele gematigde vooruitzichten voor de inflatie, ook op middellange termijn, gezien de breed-gedragen zwakte van de reële economie en de gematigde monetaire dynamiek. De komende periode zal de Raad van Bestuur alle binnenkomende gegevens over economische en monetaire ontwikkelingen volgen en de invloed ervan op de vooruitzichten voor de prijsstabiliteit beoordelen.

Wat de economische analyse betreft: na een zes kwartalen durende economische krimp in het eurogebied tonen recente vertrouwensindicatoren op basis van enquêtegegevens opnieuw enige verbetering, vanaf een laag niveau, en vormen zij een voorzichtige bevestiging van de verwachting dat de economische bedrijvigheid zich op een laag niveau zal stabiliseren.
Tegelijkertijd blijft de situatie op de arbeidsmarkten zwak. Vooruitblikkend naar de rest van het jaar en naar 2014, zou de groei van de uitvoer uit het eurogebied moeten profiteren van een geleidelijk herstel van de mondiale vraag, terwijl de binnenlandse vraag ondersteund zou moeten worden door de accommoderende koers van het monetair beleid en door de recente verbeteringen in het reëel inkomen ten gevolge van de algemeen lagere inflatie.

Bovendien lijken de algehele verbeteringen in de financiële markten sinds de afgelopen zomer geleidelijk door te werken in de reële economie, net als de met begrotingsconsolidatie geboekte vooruitgang dat zou moeten doen. Desondanks zullen de resterende noodzakelijke balansaanpassingen in de particuliere en overheidssector op de economische bedrijvigheid blijven drukken. Over het geheel genomen zou de economische bedrijvigheid in het eurogebied zich moeten stabiliseren en zich langzaam moeten herstellen.

De risico’s voor de economische vooruitzichten van het eurogebied blijven van neerwaartse aard. De recente ontwikkelingen in de mondiale geld- en financiëlemarktvoorwaarden en daarmee samenhangende onzekerheden zouden de economische situatie eventueel negatief kunnen beïnvloeden. Andere neerwaartse risico’s houden verband met de mogelijkheid van een zwakker dan verwachte binnenlandse en mondiale vraag en met een trage of onvoldoende tenuitvoerlegging van structurele hervormingen in landen van het eurogebied.

Volgens de voorlopige (flash) raming van Eurostat was de HICP-inflatie op jaarbasis in het eurogebied in juli 2013 1,6%, onveranderd ten opzichte van juni. Het inflatiecijfer op jaarbasis zal, zo is thans de verwachting, de komende maanden tijdelijk dalen, met name ten gevolge van basiseffecten in verband met ontwikkelingen in de energieprijzen van twaalf maanden eerder. Vanuit het toepasselijke middellangetermijnperspectief bekeken zal de onderliggende prijsdruk naar verwachting beperkt blijven, ten gevolge van de breed gedragen zwakte van de geaggregeerde vraag en het gematigde tempo van het herstel. De middellange- tot langetermijninflatieverwachtingen blijven stevig verankerd in overeenstemming met prijsstabiliteit.

De risico’s voor de vooruitzichten voor de prijsontwikkeling zijn naar verwachting op de middellange termijn, globaal genomen, nog steeds in evenwicht, waarbij de opwaartse risico’s verband houden met sterker dan verwachte verhogingen van door de overheid gereguleerde prijzen en indirecte belastingen en met hogere grondstoffenprijzen, en waarbij de neerwaartse risico’s voortvloeien uit de zwakkere economische bedrijvigheid.

Wat de monetaire analyse betreft, in juni bleven de onderliggende monetaire en, in het bijzonder, de kredietdynamiek gematigd. Het groeitempo op jaarbasis van het ruime monetaire aggregaat M3 daalde in juni naar 2,3%, tegen 2,9% in mei. Daarnaast daalde de groei op jaarbasis van M1 van 8,4% in mei naar 7,5% in juni. Het groeitempo op jaarbasis van leningen aan de particuliere sector verzwakte verder.

Terwijl de groei op jaarbasis van leningen aan huishoudens (gecorrigeerd voor verkopen van leningen en securitisatie) in juni bij 0,3% bleef, globaal genomen onveranderd sinds begin dit jaar, bedroeg het groeitempo op jaarbasis van leningen aan niet-financiële vennootschappen (gecorrigeerd voor verkopen van leningen en securitisatie) in juni -2,3%, tegenover -2,1% in mei. De zwakke kredietdynamiek blijft voornamelijk een afspiegeling van de huidige fase van de conjunctuur, verhoogd kredietrisico en de verdergaande aanpassingen van de balansen in de financiële en niet-financiële sector.

De enquête naar de bancaire kredietverlening voor het tweede kwartaal van 2013 bevestigt dat het risico van kredietnemers en de macro-economische onzekerheid de belangrijkste beperkende factoren blijven voor het kredietbeleid van banken. Tegelijkertijd is de mate waarin de kredietvoorwaarden voor leningen aan niet-financiële vennootschappen werden aangescherpt in het tweede kwartaal van 2013, vergeleken met het eerste kwartaal, onveranderd gebleven, en voor leningen aan huishoudens gedaald.

Sinds de zomer van 2012 is aanzienlijke vooruitgang geboekt met de verbetering van de financieringssituatie van banken en met name met de versterking van de binnenlandse depositobasis in een aantal landen onder druk. Teneinde de toereikende transmissie van het monetair beleid naar de financieringsvoorwaarden in de landen van het eurogebied te waarborgen, is het van essentieel belang dat de fragmentatie van kredietmarkten in het eurogebied verder afneemt en dat de schokbestendigheid van banken waar nodig wordt versterkt. Verdere daadkrachtige stappen in het opzetten van een bankenunie zullen bijdragen tot verwezenlijking van deze doelstelling.

Kortom: de economische analyse geeft aan dat de prijsontwikkelingen in overeenstemming zouden moeten blijven met prijsstabiliteit op de middellange termijn. Een toetsing aan de uitkomsten van de monetaire analyse bevestigt dit beeld.

Wat het begrotingsbeleid betreft zouden de landen van het eurogebied, om de schuldratio’s weer op een neerwaarts traject te brengen, hun inspanningen om het overheidstekort terug te dringen niet moeten verminderen. De nadruk dient te liggen op groeivriendelijke begrotingsstrategieën voor de middellange termijn die een verbetering van de kwaliteit en efficiëntie van overheidsdiensten combineren met een beperking van de verstorende effecten van belastingen.

Teneinde de algehele impact van een dergelijke strategie te versterken, moeten de lidstaten de tenuitvoerlegging van de noodzakelijke structurele hervormingen intensiveren om zo het concurrentievermogen, de groei en de werkgelegenheidscreatie te bevorderen. Het wegnemen van rigiditeiten op de arbeidsmarkt, het verminderen van administratieve lasten en het versterken van de concurrentie op de productmarkten zal met name kleine en middelgrote bedrijven steun geven. Deze structurele hervormingsmaatregelen zijn van essentieel belang om het huidige hoge werkloosheidsniveau, met name onder de jongere burgers van het eurogebied, terug te dringen.

De Engelstalige versie van dit nummer van het Maandbericht bevat twee artikelen. In het eerste artikel wordt een analyse van de doorwerking van het rentebeleid in het eurogebied in een context van sterke financiële fragmentatie gegeven en nieuw empirisch bewijs voor deze doorwerking in de vier grootste economieën van het eurogebied aangereikt. In het tweede artikel wordt het macro-stresstestkader van de ECB voor de beoordeling van de solvabiliteit van banken beschreven, met voorbeelden van het gebruik van dit kader bij de beleidsanalyse.

Over Content Editor V

Content editor of PressCenter website.

Schrijf Uw Reactie

Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *

*

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Kies de person met
de hand omhoog *

Scroll To Top